Voorwaarden voor effectieve besturing

Uit Systeemmodellering
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De vijf voorwaarden voor effectieve besturing gaan uit van het idee dat iemand een systeem in de door hem/haar gewenste toestand wil brengen of houden. Effectieve besturing van een systeem is pas mogelijk als aan deze voorwaarden wordt voldaan:

  1. Doelstelling
    Besturing is gerichte beïnvloeding van een systeem. Zonder doelstelling, d.w.z. zonder helder beeld van de gewenste toestand van het systeem, is dat niet mogelijk.
  2. Voldoende stuurmaatregelen
    Beïnvloeding vereist stuurmaatregelen: instrumenten waarmee je de toestand van het systeem kunt veranderen. Om goed te kunnen besturen moet het aantal beschikbare stuurmaatregelen in redelijke verhouding staan tot de variëteit aan omstandigheden die zich kan voordoen.
  3. Model van het bestuurde systeem
    Om te beslissen of je stuurmaatregelen moet nemen (en zo ja, welke) moet je het effect van stuurmaatregelen kunnen voorspellen. Dit vereist een model dat (in elk geval bij benadering) antwoord kan geven op de vraag "Hoe zal de toestand van het systeem veranderen als ik deze maatregel neem?".
  4. Voldoende informatie
    De toestand van het bestuurde systeem op tijdstip t+1 wordt bepaald door de toestand van het systeem op tijdstip t, veranderingen in de omgeving van het systeem (stuurmaatregelen en omgevingsinvloeden), en de causale relaties tussen de elementen van het systeem. Besturing vereist dus behalve een model ook informatie over de toestand van het systeem en over de omgeving.
  5. Voldoende informatieverwerkende capaciteit
    Om over te nemen stuurmaatregelen te kunnen beslissen moet de bestuurder binnen één tijdstap de huidige toestand van het systeem beoordelen en de consequenties van alternatieve maatregelen kunnen doordenken.

Zie ook